Jupiter

Missies naar Jupiter:

Vluchten naar Jupiter begonnen begin jaren ’70. Veel latere missies vonden onderweg naar andere planeten plaats.
Toekomstige missies zijn o.a. het Prometheus-initiatief om een ruimtevaartuig te ontwikkelen, aangedreven door een kernreactor, die in de diepe ruimte kan functioneren.

Lanceerdata Missie (VS tenzij anders aangegeven) Belangrijke gebeurtenissen en resultaten
1973 Pioneer 10 Eerste ruimtevaartuig dat door de asteroïdengordel reisde en de buitenkant van het zonnestelsel bereikte.
Na langs Jupiter te zijn gevlogen trok het door het zonnestelsel naar de Melkweg.
Pioneer 10 heeft een plaat bij zich met gegevens van de thuisplaneet, mocht hij ooit in contact komen met andere intelligente wezens.
1973 Pioneer 11 Tweede missie die Jupiter onderzocht en het buitenste deel van het zonnestelsel en de eerste die Saturnus en zijn belangrijkste ringen onderzocht.
Pioneer 11 gebruikte net als Pioneer 10 het zwaartekrachtveld van Jupiter om zijn route te veranderen.
Het passeerde dicht langs Satumus en volgde toen een ontsnappingsroute uit het zonnestelsel. De brandstof raakte in 1995 op; communicatie is niet meer mogelijk
1977 Voyager 2 Voyager 2 maakte een rondreis door ons zonnestelsel en vloog langs Jupiter, Satumus, Uranus en Neptunus.
Hij stuurde veel beelden van Jupiter en de 4 grootste manen daarvan.
1977 Voyager 1 Voyager 1 volgde Voyager 2 16 dagen later de ruimte in maar arriveerde vier maanden eerder bij Jupiter dan Voyager 2.
Voyager 1 registreerde windsnelheden en turbulentvormen in Jupiters atmosfeer en zond fantastische beelden van de 4 grootste manen.
Voyager 1 is nog steeds bezig met de reis naar de interstellaire ruimte en bevindt zich nu verder van aarde dan enig ander ruimtevaartuig.
Wetenschappers twijfelen eraan of Voyager 1 al in de interstellaire ruimte is, maar het is mogelijk dat dat wel al zo is.
1989 Galileo Tijdens de missie van 14 jaar naar Jupiter ontdekte Galileo een stralingsgordel boven de wolkentoppen van Jupiter,
uitgebreid en snel opduiken van de maan lo en bewijs voor oceanen met vloeibaar water onder het ijzige oppervlak van de maan Europa.
Men liet Galileo met opzet in september 2003 op Jupiter neerstorten om een botsing met – en mogelijk een versmelting met – een van de Jupitermanen te vermijden
1990 Ulysses Richt zich vooral op de poolgebieden van de zon. Om boven de Ecliptica (het pad waarin de meeste planeten en ruimtevaartuigen om de zon draaien) uit te komen,
maakte hij gebruik van Jupiters zwaartekracht om in de juiste baan te komen.
Tijdens de langsvluchten bij Jupiter gebruikten onderzoekers instrumenten van Ulysses om de reuzenplaneet en zijn invloed op het zonnestelsel te bestuderen.
1997 Cassini-Huygens Hoewel Saturnus de hoofdbestemming was, leverde de vlucht van Cassini langs Jupiter veel nieuwe informatie op.
Onderzoekers combineerden waarnemingen van de ruimtevaartuigen Galileo en Cassini en vonden een gigantische slingerende bubbel met geladen deeltjes rondom Jupiter.

Belangrijke data:

data beschrijving
364 v.C. Chinese astronoom Gan De deed waameming van een hemellichaam, vermoedelijk Ganymedes, 1974 jaar voor Galileo Galilei dat deed.
1610 Galileo Galilei ontdekte 4 manen om Jupiter (lo, Europa, Ganymedes en Callisto; de Galileïsche manen).
1664 Britse scheikundige en natuurkundige Robert Hooke ontdekte de Grote Rode Vlek.
1665 Cassini stelde de rotatiesnelheid van Jupiter vast.
1892 Amerikaanse sterrenkundige Edward Bamard ontdekte Amalthea.
1904 Amerikaanse sterrenkundige Charles Perrine ontdekte Himalia.
1905 Perrine ontdekte Elara.
1908 Pasiphaë werd door Melotte ontdekt.
1914 Amerikaanse sterrenkundige Seth Barnes ontdekte Sinope.
1938 Bames ontdekte Carme en Lysithea
1951 Bames ontdekte Ananke.
1955 Radio-emissies van Jupiter werden door de Amerikaanse sterrenkundige Kenneth Franklin opgemerkt.
1974 Amerikaans sterrenkundige Charles Kowal ontdekte Leda.

De manen van Jupiter:

Jupiter heeft 63 bekende manen (tot februari 2004). Hiervan werden er 46 tussen 1999 en 2003 ontdekt.
Sterrenkundigen denken dat het aantal manen van Jupiter wel 100 zou kunnen zijn. Ze worden verdeeld in zes hoofdgroepen (in volgorde van toenemende afstand tot de planeet): amalthea, Galileïsche manen, Himalia, Ananke, Carme en Pasiphaë. De eerste groep (Amalthea) is samengesteld uit vier binnenste satellieten: Metis, Adrastea, Amalthea en Thebe. Io, Europa, Ganymedes en Callisto werden in 1610 ontdekt door Galileo, kort nadat hij de telescoop uitvond. Ze zijn bekend als de Galileïsche satellietgroep.
Themisto draait om Jupiter tussen de Galileïsche en volgende belangrijke groep satellieten, de Himalias, in. De Himalia-groep bestaat uit vijf dicht op elkaar geclusterde satellieten met omloopbanen buiten die van Callisto: Leda, Himalia, Lysithea, Elara en S/2000 J11.
Carpo, tussen de Himalia- en Ananke-groep, lijkt net als Themisto niet in een van de hoofdgroepen te passen. De Ananke-groep omvat 17 satellieten, die vergelijkbare omloopbanen hebben: S/2003 J12, Euporie, Orthosie, Euanthe, Thyone, Mneme, Harpalyke, Hermippe, Praxidike,Thelexinot locaste, Ananke, S/2003 J16, S/2003 J3, S/2003 J18, Helike en S/2003 J15.
De Carme-groep omvat 17 satellieten, die vergelijkbare omloopbanen hebben: Arche, Pasithee, Chaldene, Kale, Isonoe, Aitne, Erinome, Taygete, Carme Kalyke, Eukelade, Kallichore, S/2003 J17, S/2003 J10, S/2003 J9, S/2003 J5 en S/2003 J19. De verste groep is de Pasiphaë, die 14 verspreide satellieten omvat: S/2003 J2, Eurydome, Autonoe, Sponde, Pasiphaë, Megaclite, Sinope, Hegemone, Aoede, Callirrhoe, Cyllene, S/2003 J23, S/2003 J4 en S/2003 J14.

De tot nu toe geïdentificeerde manen van Jupiter:

1. Metis 10. Leda 19. Isonoe 28. Sinope 37. Eurydome 46. Helike 55. S/2003 J15
2. Adrastea 11. Himalia 20. Erinome 29. Callirrhoe 38. Aitne 47. Aoede 56. S/2003 J16
3. Amalthea 12. Lysithea 21. Taygete 30. Euporie 39. Sponde 48. Hegemone 57. S/2003 J17
4. Thebe 13. Elara 22. Chaldene 31. Kale 40. Autonoe 49. S/2003 J9 58. S/2003 J18
5.Io 14. S/2000 J11 23. Carme 32. Orthosie 41. Eukelade 50. S/2003 J10 59. 5/2003J19
6. Europa 15. locaste 24. Pasiphaë 33. Thyone 42. S/2003 J2 51. Kallichore 60. Carpo
7. Ganymedes 16. Praxidike 25. Arche 34. Euanthe 43. S/2003 J3 52. S/2003 J12 61. Mneme
8. Callisto 17. Harpatyke 26. Kalyke 35. Hermippe 44. S/2003 J4 53. Cyllene 62. Thelxinoe
9. Themisto 18. Ananke 27. Megadite 36. Pasithee 45. S/2003 J5 54. S/2003 J14 63. S/2003 J20

De 17 belangrijkste manen van Jupiter in volgorde van ontdekking:

Maan Gemiddelde afstand tot Jupiter in km Middellijn van satelliet in km Andere kenmerken
Ganymedes 1.070.000 km 5262 km Grootste maan in ons zonnestelsel.
Io 422.000 km 3632 km Vulkanologisch actiefste hemellichaam in ons zonnestelsel.
Europa 670.900 km 3126 km Heeft wellicht oceanen tot 50 km diep.
Callisto 1.883.000 km 4800 km Bijna even groot als Mercurius.
Amalthea 181.000 km 189 km Roodste object in het zonnestelsel, roder dan de planeet Mars.
Himalia 11.480.000 km 170 km Grootste van de Himalia-groep.
Elara 11.737.000 km 80 km Onderdeel van de Himalia-groep.
Pasiphaë 23.500.000 km 36 km Naamgever van Pasiphaë-groep (onregelmatige retrograde manen om Jupiter).
Sinope 23.700.000 km 28 km Buitenste maan van Jupiter tot Autonoe in 2001 werd ontdekt.
Lysithea 11.720.000 km 24 km Onderdeel van de Himalia-groep.
Carme 22.600.000 km 30 km Naamgever van Carme-groep (onregelmatige retrograde manen om Jupiter).
Ananke 21.200.000 km 20 km Naamgever van Ananke-groep (onregelmatige retrograde manen om Jupiter).
Leda 11.094.000 km 10 km Onderdeel van de Himalia-groep.
Themisto 7.315.786 km 8 km Ontdekt, toen ‘kwijtgeraakt’: herontdekt in 2000.
Adrastea 129.000 km 21 km Kleinste van Amalthea-groep van kleine binnenste manen van Jupiter.
Thebe 220.000 km 100 km Deze maan lijkt minstens drie of vier enorme inslagkraters te hebben.
Metis 128.000 km 43 km Binnenste lid van de Amalthea-groep van Jupiters kleine binnenste manen. een van de vele onregelmatig gevormde manen.

De vier grootste manen van Jupiter:

De ontdekking van de 4 grootste manen van Jupiter was belangrijk. Zo kon worden bewezen dat de aarde niet het middelpunt van het heelal is.

Maan Ontdekt door Jaar van ontdekking Middellijn Gemiddelde afstand tot Jupiter Dichtheid Massa Omlooptijd Interne samenstelling Atmosfeer Oppervlak
Ganymedes Galileo 1610 5262 km. De grootste maan in ons zonnestelsel. 1.070.000 km 1,94 g/cm3 1,48 x 1023 kg De grootste van Jupiters manen 7 dagen 3 uur 45 min. Mantel: ijs en silicaten
Korst: dikke laag waterijs
Waarschijnlijk dunne ijle zuurstofatmosfeer Bergen, dalen, kraters, lavastromen
Io Galileo 1610 3632 km 422.000 km. De binnenste van Jupiters vier grote manen. 3,55 g/cm3 8,93 x 1022 kg Iets groter dan de maan van de aarde. 1 dag 18 uur 30 min. Io heeft een metallische (ijzer, nikkel) kern, omgeven door een gesteenteschil. Deze gesteenteschil (silicaten) strekt zich uit tot het oppervlak. zwaveldioxide Vulkanisch – vulkanologisch, het actiefste hemellichaam in ons zonnestelsel. Getijdenkrachten veroorzaken bulten en deuken in oppervlak van wel 100m.
Europa Galileo 1610 3126 km 670.000 km 3,01 g,/cm3 4,8 x 1022 kg 3 dagen 13 uur 12 min. Korst: water en ijs zuurstof Bijna geen kraters; Europa is het gladste object in ons zonnestelsel.
Callisto Galileo 1610 4800 km. Bijna even groot als Mercurius. 1.883.000 km 1,86 g/cm3. De lage dichtheid geeft aan dat de kern ca. 50% van de middellijn in beslag neemt. 1,08 x 1023 kg 16 dagen 16 uur 48 min. Binnenste is waarschijnlijk als dat van Ganymedes, behalve dat de binnenkern uit gesteente kleiner is en omgeven door een grote ijzige mantel. koolstofdioxide Waarschijnlijk object met de meeste kraters van ons zonnestelsel. Callisto heeft oudste landschap in het zonnestelsel (ouderdom van oppervlak is een miljard jaar).
Wilt u ons contacteren dan kan dat